Hoogleraar Internationale Misdrijven Alette Smeulers waarschuwt voor zondebokpolitiek

‘Een democratie moet je echt iedere dag verdienen en iedere dag beschermen.’

Hoogleraar Internationale Misdrijven Alette Smeulers doet al dertig jaar lang onderzoek naar hoe daders komen tot genocide en terrorisme. Ze trekt verontrustende parallellen met het huidige politieke klimaat in Nederland. Ze waarschuwt voor ontmenselijking, wegkijken en zondebokpolitiek. ‘Ontmenselijking leidt uiteindelijk tot geweld.’

Alette Smeulers onderzoekt de drijfveren van daders van genocide, oorlogsmisdrijven en terrorisme en hoe zij zelf hun daden rechtvaardigen. Haar bevindingen vergelijkt ze met inzichten uit de sociale psychologie. Dit leidde tot een confronterende conclusie: iedereen kan dader worden, ook zijzelf.

Smeulers schreef het boek ‘Angstaanjagend normaal’, waarin ze veertien daderprofielen beschrijft.  Hiermee wil ze mensen bewuster maken van de processen en systemen die leiden tot extreme misdaden, terwijl daders geloven dat ze het juiste doen. ‘In mijn boek laat ik zien hoe extreem geweld voortkomt uit sociale processen. Het begint met uitsluiting, haat en het ondermijnen van de democratie, en eindigt in steeds extremere vormen van geweld.’

U doet al dertig jaar onderzoek naar de belevingswereld van daders. Wat heeft dat met u als persoon gedaan?

‘De interesse voor waarom mensen slechte dingen doen zat er al jong in, dus ik vond het vooral heel interessant. Door de levensverhalen van nazi-kopstukken zoals Hermann Goering en Albert Speer te bestuderen en daders van de genocide in Rwanda te spreken, kwam ik tot de onthutsende conclusie dat de meeste daders op een volstrekt normale manier reageren op extreme en abnormale omstandigheden. Zij komen in een tunnelvisie terecht en schakelen alle empathie voor de medemens uit. Wanneer je iemand niet meer als mens ziet en vervolgens de schuld geeft van problemen in jouw leven, dan is geweld slechts een volgende stap. De wetenschappelijke conclusie dat ook mijn geliefden en ikzelf tot gruwelijkheden in staat zijn, was geen makkelijke conclusie om te accepteren. Dus ging ik mijzelf testen.

Hoe deed u dat dan?

‘Ik heb ooit een sportopleiding gedaan. Daar leerde ik de psychologie van sport. Zo moest ik ooit een salto leren vanaf de duikplank. Ik lande telkens keihard op mijn rug. Vreselijk. Vervolgens oefende ik de beweging in mijn hoofd net zolang tot het mij uiteindelijk in het echt lukte. En toen dacht ik, op die manier kan ik dus ook het uitschakelen van mijn empathie oefenen. Eerst in mijn hoofd en daarna in het echt. Het heeft heel lang geduurd en op een gegeven moment lukte het mij voor een fractie van een seconde volledig koud te kijken naar een mens. Dat was schokkend, maar leerzaam.’

Hoe voorkom je dat je in die tunnelvisie terecht komt?

‘Ik weet niet of je ervoor kan zorgen dat je daar nooit komt. Door te begrijpen hoe empathie verdwijnt en mensen anderen ontmenselijken, wordt het wel wellicht makkelijker om weerstand te bieden aan zulke mechanismen.’

Waarom is uw onderzoek naar genocideplegers relevant voor Nederland?

‘In Nederland zien we de opkomst van extreemrechtse partijen en middenpartijen die naar rechts opschuiven. Deze partijen ondermijnen de democratie door bijvoorbeeld verkiezingsuitslagen in twijfel te trekken. Geert Wilders deed dat na de Tweede Kamerverkiezingen in 2025. De BBB zegt, ongefundeerd, dat rechters “D66-rechters” zijn. Rechters in Nederland zijn onafhankelijk en niet gelieerd aan een partij. Zo’n uitspraak kan niet, tenzij daar bewijs voor is. Deze partijen zouden onze democratie elke dag moeten beschermen. We kunnen niet simpelweg achteroverleunen en hopen dat democratische waarden zichzelf herstellen. Ik hoop mensen met mijn boek bewuster te maken van de gevaren voor het uithollen va de democratie en hun eigen plek in het proces.’

Gaat dat lukken als uw boek 700 pagina’s telt?

‘Dat kan een reden zijn voor mensen om het boek niet te lezen, maar het is toegankelijk geschreven met veel illustratieve voorbeelden, zodat het gemakkelijk leest en mensen zich beter kunnen inleven. Ik beschrijf bijvoorbeeld hoe eind jaren zestig zette de militaire politie in Griekenland martelingen in om politieke tegenstanders te onderdrukken. Een ander mens martelen is niet iets wat je de ene op de andere dag doet. De politie werd eerst zelf tijdens hun training maandenlang gemarteld, om marteling “gewoon” te maken. Het is een illustratie om te snappen hoe een systeem mensen kan aanzetten tot gruwelijkheden. En dat gaat het beste met concrete voorbeelden.’

In uw boek beschrijft u veertien daderprofielen. Is er een risico dat deze termen, net als ‘narcisme’, mainstream misbruikt gaan worden?

‘Dat risico bestaat. Mijn doel is niet om te labelen, maar om patronen inzichtelijk te maken. Het proces naar geweld gaat vaak heel geleidelijk, zoals de kikker in een pan water die niet merkt dat het water langzaam kookt. Hitlers machtsovername in 1933 leidde niet direct tot genocide. Die werd pas negen jaar later, tijdens de Wannseeconferentie, volledig uitgerold. De profielen moeten die geleidelijke processen en systemen zichtbaar maken.’

U benadrukt dat geweld binnen systemen ontstaat. Hoe gebruiken leiders dit?

‘Niets verenigt zozeer als een gemeenschappelijke vijand. Boris Jeltsin gaf in 1999 de macht over aan Vladimir Poetin. Die macht was tijdelijk bedoeld, maar aanslagen in Moskou zorgden voor paniek. De bevolking schaarde zich achter Poetin en accepteerde dat hij meer macht naar zich toetrok onder het mom van nationale veiligheid. Inmiddels denkt men dat hijzelf of anders zijn trouwe bondgenoten deze aanslagen hebben gepleegd juist om hem in het zadel te helpen.’

Ziet u dat vijanddenken terug in Nederland?

‘Zeker. Bijvoorbeeld in het debat over asiel en migratie. Asielzoekers worden in het politieke debat steeds vaker neergezet als “de ander”, iemand met minder rechten en soms zelfs de vijand. In Nederland gaan we daarin (nog) niet zo ver als in de VS, maar deze ontwikkeling is al wel zichtbaar. Door migranten als zondebok te maken van maatschappelijke problemen, zoals het woningtekort, ontstaat een psychologisch geruststellend maar misleidend verhaal dat bijdraagt aan de demonisering van deze groep.’

Waarom is dat gevaarlijk?

‘Ontmenselijking gaat historisch gezien altijd vooraf aan geweld, zoals bij de Joden, de Tutsi’s of de moslims in Bosnië. In Nederland heeft het al geleid tot gewelddadige anti-immigratiedemonstraties zoals in Den Haag, en bedreigingen aan het adres van burgemeesters, bijvoorbeeld in Venlo. Het grootste probleem is dat geweld wordt genormaliseerd. Daders zoeken altijd een rechtvaardiging om hun zelfbeeld als “goed mens” te behouden. Psychologen noemen dit cognitieve dissonantie, wanneer je daden niet overeenkomen met je zelfbeeld.’

Wat is ervoor nodig om een democratie overeind te houden?

‘De scheiding der machten en een kritische journalistiek die fungeert als controleur van de macht in plaats van een doorgeefluik. Neem de uitzending van Buitenhof waar David van Weel beweerde dat alle vrachtwagens met hulpgoederen Gaza binnenkwamen, terwijl de feiten dat tegenspraken. Maaike Schoon stelde toen geen kritische vragen, waardoor de foutieve voorstelling van zaken overeind bleef en dat is problematisch. Daarnaast is het belangrijk dat burgers opstaan, ook als dat moeilijk is.’

Welke verantwoordelijkheid ligt bij de burgers?

‘We moeten elkaar, maar ook de politiek aanspreken wanneer de democratische waarden van tolerantie worden geschonden. En we moeten staan voor mensenrechten. Het internationaal en humanitair recht is echt het fundament van een democratie. Worden die rechten geschonden? Ga demonstreren, teken petities en blijf je uitspreken. Een democratie moet je echt iedere dag verdienen en iedere dag beschermen.’

Als iedereen dader kan worden, is er dan nog hoop?

‘Ik had graag meer aandacht in mijn boek besteed aan mensen die tegen de groep ingaan en het goede doen. Een typerend voorbeeld is de slachtpartij in Mỹ Lai tijdens de Vietnamoorlog. Soldaat Herbert Carter schoot zichzelf in zijn voet om niet te hoeven deelnemen. Dat toont zowel de enorme sociale druk als de moed om een uitweg te zoeken. Het bloedbad werd uiteindelijk gestopt door helikopterpiloot Hugh Thompson, die zijn toestel tussen de soldaten en slachtoffers plaatste. Ja, mensen hebben de potentie om slecht te handelen, maar hebben ook de potentie om het goede te doen.’

Bent u na dertig jaar onderzoek pessimistisch of optimistisch over de staat van de wereld?

‘Ik maak me zorgen. De internationale rechtsorde brokkelt af. We zien dat medewerkers van het Internationaal Strafhof gesanctioneerd worden. Terwijl zij personen onderzoeken en vervolgen die verdacht worden van ernstige internationale misdrijven. Maar mensen staan wel op. In Amsterdam kleurden de straten rood met 250.000 mensen die tegen de genocide in Gaza demonstreerden. Dat geeft hoop en hoop moeten we houden. Dus optimistisch en strijdbaar.’

Next
Next

De onzichtbare helden die zorgen voor hun chronisch zieke geliefden